...Ga uit van het denkbare, niet van het haalbare...

Politieke Partij ONS Noordoostpolder

Secretariaat:
de heer M. (Martin) Mulder
Monnikenweg 7
8308 RK Nagele

Martin@furios.nl
www.facebook.com/onsnoordoostpolder
#fractieonsnop
M. 06-52344734
fractieons@gmail.com

Antwoorden College op vragen over Cultuurbedrijf

25-09-2014 14:00

Onderwerp: Vragen over Cultuurbedrijf

Fractie: ONS Noordoostpolder

Naam: Berthoo Lammers

Datum indiening vragen: 15 september 2014

Inleiding

De heer Leijenaar (dir. Theater) heeft tijdens zijn inspreekbeurt in de RTG aangegeven  dat inzake de stukken van
het cultuurbedrijf die voor besluitvorming zijn overgelegd aan  de Raad de 5% omzet vermelde toename op de
diverse onderdelen ongefundeerd is en  niet te realiseren is.

Vragen:

1. Graag ontvangt de ONS fractie de feitelijke onderbouwing van de gedane aanname  van 5% omzettoename per jaar- gelezen hebbende de periode voor de komende 4 jaar. Waarop is deze gebaseerd en waarom 5% voor
de Noordoostpolder.

Antwoord:

Er is op basis van de meerjarenvisie "het roer gaat om" een doelstelling geformuleerd op basis waarvan een begroting voor de komende jaren is opgesteld. Die begroting is toekomstgericht en gaat uit van visie en inschatting, dat is de aard van de zaak. De toekomst kan niet met feiten of zekerheden worden onderbouwd en dat is dus niet gedaan. Partners hebben deze ambitie gezamenlijk en recent geformuleerd. De heer Leijenaar heeft als lid van het bestuur van het theater dan ook genuanceerd ingesproken, uitgaande van de noodzaak van verzelfstandiging en fusie en waarschuwend voor de risico's bij  de inschattingen die aan het proces ten grondslag liggen (zoals omzetgroei, huisvestings- en frictiekosten).

2. Waarom heeft de kwartiermaker de cijfers niet geactualiseerd?
Antwoord:

Omdat de kwartiermaker als opdrachtnemer van de beide besturen, vertegenwoordigd in de stuurgroep, nog recent in zijn stuurgroep draagvlak vond voor de meerjarenbegroting, zoals die door het college vervolgens als basis voor het
raadsvoorstel is genomen.

3. Hoe verhoudt deze zich met onderstaande conclusies uit uw rapport uit 2012, bullit 1 
 M.a.w. op welke aannames verwacht u de 5% omzet toename als deze niet strookt met het verwachtte inwonerstoename (tot 2027 nml. 1.03%) Welke correlatie is er...of is die er niet?

Antwoord:

Het college ziet niet in hoe kale cijfers over bevolkingsontwikkeling op lange termijn, iets te maken hebben met omzetgroei van een Cultuurbedrijf op middellange termijn. De verwachte bevolkingstoename is 1.03% totaal tot 2017!  

4. Hoe correleert u dat aan een omzetstijging de komende 4 jaar van 5% per jaar. M.a.w. U doet de aanname dat
er 20% meer omzet gemaakt kan worden 4 jaar.

Antwoord:

Als ervaren onderzoeker weet u dat twee gegevens die lijken samen te hangen,  dat niet ook werkelijk altijd doen. Omzetgroei kan heel goed ontstaan door: - Nieuwe doelgroepen die worden bereikt; - Meer afnamen door bestaande gebruikers; - Meer kostendekkende tarieven en prijsverhoging; De ambities zoals opgenomen in "het roer gaat om" gaan uit van deze componenten. Bevolkingsgroei heeft daarmee niets te maken.

5. Graag ontvangt de ONS fractie de verbanden die u heeft gelegd waarop u uw aannames (-mede op data voor
Noordoostpolder- ) heeft onderbouwd.

Antwoord:
U kunt de ambities en uitgangspunten lezen in "het roer gaat om". U heeft gelijk dat ambities geen garantie bieden voor succes. Het wordt spannend!

6. Graag verneem ik van u welke trendberekenings methodiek u heeft toegepast.

a. Welke data analysesoftware heeft u gebruikt.

b. Welke trendlijn heeft u gedefinieerd en op basis van welke brongetallen?  M.a.w wat was uw input data die
u als uitgangspunt voor uw 5% calculatie gebruikt heeft.

c. Welke nauwkeurigheidsmeting heeft u op uw data uitgevoerd.

Antwoord:

Zie antwoord op vraag 1: aan de toekomst valt niets te meten. Die schat men in gebaseerd op ambitie, ervaring en fingerspitzengefühl. Aan de meerjarenraming is dan ook niets nauwkeurigs, de tijd zal het leren en we zullen de vinger stevig aan de pols moeten houden. Tijdens de RTG is gesteld dat de gebruikte data 1,5 jaar oud was die voor dit rapport werd gebruikt. Door de portefeuillehouder wordt/werd dit niet bestrijdt.

7. Waarom heeft de Portefeuillehouder geen actuele data aangeleverd voor de Raadvergadering van 8 september.?

Antwoord:
Deze uitspraak heeft de portefeuillehouder gemist, dus niet bestreden. Degene die dit zou hebben gesteld, heeft zich vergist. Zie verder de beantwoording van vraag 2.  

8. Waarom is de actuele data niet gebruikt? De jaarcijfers 2013 zo(MZ en Theater) zouden toch eveneens een goede onderlegger moeten zijn? U had immers de cijfers over 2013 reeds in mei jl al in uw bezit!!?

Antwoord:

Het is juist dat meer recente ontwikkelingen rond de theaterexploitatie (maar ook rond de muzieklessen) aanleiding geven tot voorzichtigheid. Dit is dan ook de reden dat het college zowel in het raadsvoorstel als bij latere vragen van de PU heeft aangegeven nog eens kritisch naar de meerjarenbegroting te willen kijken voorafgaand aan definitieve besluitvorming in december dit jaar. De jaarcijfers 2013 van het theater zijn inderdaad voor de zomer ontvangen. Deze zijn onderwerp van gesprek met het bestuur van het theater en ze zijn door het college nog niet vastgesteld (dat wil zeggen de aanvraag tot subsidievaststelling die hoort bij de jaarcijfers is nog niet afgehandeld en zal naar verwachting op 30 september worden behandeld in het college). Wel is in eerste gesprekken met het theater vastgesteld dat het negatieve resultaat voor een groot deel het gevolg is van incidentele tegenvallers (zoals vertrek van de directeur) en dat "maar" ongeveer voor € 50.000 sprake is van structurele tegenvallers. Dat bedrag was al langer bij het college in beeld (van tekorten in die orde is al enige jaren sprake, zoals ook de raad zal weten) en was dus geen aanleiding om de ambitie aan te passen of daarover extra bezorgd te zijn richting de toekomst. Het grote eenmalige tekort (rond € 200.000) was wel aanleiding voor extra bestuurlijk overleg en voor extra tussentijdse rapportages vanuit het theater over de subsidie 2014.

9. De "oude" in het rapport niet betwiste cijfers worden gebruikt bij de omzetcijfers. Hoe vertekent dit de
werkelijke cijfers indien deze hoger of lager uitvallen?  

Antwoord:

Zie het antwoord op vraag 8: de structurele aspecten waren feitelijk al bekend en de incidentele hoeven niet te worden meegenomen. Echter er is wel aanleiding om de meerjarenbegroting nog eens kritisch tegen het licht te houden omdat met
name prijsverhoging van de producten in de praktijk een groter effect op de deelnamecijfers lijkt te hebben dan eerder verwacht.

 10. Graag ontvangt de ONS fractie de omzetcijfers van 2008 t/m 2010 van het Theater  en MZ in een zelfde schematisch overzicht zo als vermeld in 5% toename tabellen waarin ook de omzetten zijn aangegeven van 2014 t/m 2017/18

Antwoord:

Dergelijke gegevens zijn niet zo eenvoudig te genereren, maar het college zal bij de aanpassing van de meerjarenbegroting bezien of een adequate historische vergelijking mogelijk blijkt. De vraag is ook of dit nuttig is omdat er binnen de meerjarenbegroting van het Cultuurbedrijf sprake is van het doorvoeren van grote beleidswijzigingen.  Het college heeft gesteld voldoende te hebben aan de 500.000 frictiekosten

11. Graag ontvangt de ONS fractie de Specificatie van die frictiekosten. Dat zijn niet de fractiekosten die we gezien hebben maar de berekeningen van die er aan ten grondslag liggen!

Antwoord:

Ook hier: het gaat om toekomstgerichte schattingen van mogelijke toekomstige kosten. De gemeenteraad heeft inmiddels ingestemd met de frictiekosten.  


12. Ook ontvangt de ONS fractie de specificatie van de berekening van extra benodigde 56.000 euro kwartiermakers kosten. (20 u.p/w tot maart?) Waarom vallen deze kosten niet binnen de Algehele eerder verstrekte opdracht? Is er sprake van een verlenging van een eerder verstrekte opdracht of is dit een geheel nieuwe opdracht?

Antwoord:

Het gaat om een inschatting van kosten tot en met december voor zover het kwartiermaken betreft (daarna moet er immers een directeur voor het Cultuurbedrijf zijn en is het kwartiermaken klaar). De kwartiermaker is een procesbegeleider en heeft geen resultaatverplichting, er is dus sprake van een verlenging van de opdracht omdat het proces langer duurt. Hopelijk lukt het nu om de hele besluitvorming tijdig af te wikkelen in december.

13. Het college heeft gemeend de (aanname) cijfers van het cultuurbedrijf naar de raad te sturen ter beoordeling
en politieke weging. Waarom heeft u deze niet geactualiseerd? Waarom kon de (principe besluitvorming) niet wachten tot 1 oktober 
a.s als er actuele data beschikbaar was/is?

Antwoord:

De besluitvorming is gepland in twee stappen. Los van de vraag of actualisatie echt nodig was, kon dit prima tussen het principebesluit en het definitieve besluit plaatsvinden. Het is wenselijk om minstens twee maanden tussen de beide besluiten te hebben omdat er immers met OR en GO over de organisatorsiche consequenties voor het personeel en het sociaal plan gesproken moet kunnen worden op een zorgvuldige wijze. Er is in zo'n proces nog heel veel te doen en
daar is tijd voor nodig. 

14. Bent u van mening dat de Raad op basis van 1,5 jr oude analysecijfers een gefundeerd en gewogen oordeel
kan vormen? Zo ja, waarop baseert u dat? Heeft u als college niet de plicht om actuele cijfers aan te leveren aan de Raad? Bent u met de ONS fractie van mening dat altijd de meest actuele data ter besluitvorming moet worden
overgelegd? Zo ja, waarom zijn de cijfers dan niet geactualiseerd terwijl de portefeuillehouder juist omdat de Portefeuillehouder deze niet uitgevoerde actualisatie in het debat in de RTG voorafgaand aan de Raad (h)erkende.

Antwoord:

Aangezien uw aannames niet door het college worden gedeeld, is het beantwoorden van deze vraag nogal theoretisch. uiteraard is het van belang dat zowel het  college als de raad beslissingen baseren op de best beschikbare informatie.
Maar niet elk besluit kan/moet pas genomen worden op het moment van volstrekte zekerheid. In dat geval zou de wereld tot stilstand komen. Dus ambitie, risico en inschatting zullen altijd deel van onze besluitvormingsprocessen zijn...    

Datum beantwoording vragen: 24 september 2014

Contactpersoon: Radboud Hafkamp 

E-mail adres:  r.hafkamp@noordoostpolder.nl

Tel: 0527-633270