Beantwoording vragen ONS over vervolging na brand aan de Moerasandijviestraat
EMMELOORD, 21 augustus 2026,
De recente brandstichting aan de Moerasandijviestraat heeft geleid tot aanzienlijke schade aan het
betreffende winkelgebied, de directe omgeving en de inzet van onze hulpdiensten. De brandweer
moest langdurig en intensief optreden om de brand onder controle te krijgen, terwijl de politie 's
avonds met spoed moest uitrukken.
Inmiddels is de dader geïdentificeerd en is vastgesteld dat sprake
is van opzettelijke brandstichting, een misdrijf zoals bedoeld in artikel 157 Sr.
Als raadslid acht ik het noodzakelijk dat de gemeente niet uitsluitend strafrechtelijke afhandeling
afwacht, maar tevens civielrechtelijke stappen onderneemt om de door de gemeente geleden schade
te verhalen. De gemeente heeft immers een zorgplicht richting haar inwoners en ondernemers, en
voor de ONS Noordoostpolderfractie is het niet verdedigbaar dat gemeenschapsgeld wordt ingezet om
schade te herstellen die het directe gevolg is van een opzettelijke en strafbare daad.
In het coalitieakkoord 2026–2030 waarvan ONS Noordoostpolder deel uit maakt heeft de gemeente
Noordoostpolder expliciet vastgelegd dat wij bestuursrechtelijk meer gaan verhalen, met als doel dat
kosten die door verwijtbaar gedrag ontstaan niet langer automatisch op de gemeenschap worden
afgewenteld. Deze bestuurlijke koers is helder: de vervuiler betaalt, niet de belastingbetaler.
Het uitgangspunt dat schade door verwijtbaar gedrag, in dit geval opzettelijke brandstichting,
civielrechtelijk kan worden verhaald, is de aangewezen route.
Daarom acht de fractie van ONS Noordoostpolder het noodzakelijk dat de gemeente niet uitsluitend
strafrechtelijke afhandeling afwacht, maar tevens civielrechtelijke stappen onderneemt om de door de
gemeente geleden schade te verhalen. Het zou in strijd zijn met het coalitieakkoord én met behoorlijk
bestuur wanneer gemeenschapsgeld wordt ingezet om schade te herstellen die het directe gevolg is
van een opzettelijke en strafbare daad.
LEES HIER DE BEANTWOORDING OP DE SCHRIFTELIJKE VRAGEN VAN ONS NOORDOOSTPOLDER OVER HET MOGELIJKE VERHALEN VAN DE KOSTEN.
